Oliver HARDY - Me and my pal

Go to content

Main menu:

Oliver HARDY

BIOGRAFIE
 
 

Norvell Hardy werd geboren op 18 januari 1892 in Harlem, Georgia, U.S.A. Zijn vader, Oliver Hardy, overleed in november van dat jaar en als eerbewijs aan de vader die hij nooit gekend had zou Norvell jaren later de voornaam van zijn vader overnemen.
Zijn moeder Emily Norvell voedde haar vijf kinderen alleen op en was beheerder of eigenares van kleine hotels en pensions in Madison en Milledgeville, Georgia.

Jonge Oliver was geen gemakkelijk kind om op te voeden. Onderwijs was niet aan hem besteed alhoewel hij al vroeg interesse had in muziek. In 1900 liep hij weg van huis om zich aan te sluiten bij de zanggroep ‘Coburn’s Minstrels’. Na enkele weken was hij terug thuis.

Tussen 1906 en 1909 bezocht Oliver verschillende scholen waaronder de militaire academie van Georgia, weliswaar met weinig succes.

In 1910 opende de eerste bioscoop in Milledgeville en Oliver kreeg er een job als ticketcontroleur, projectionist en  schoonmaker. Tijdens de pauze van de voorstelling zong hij.
Al gauw raakte hij gefascineerd door de nieuwe filmindustrie en werd hij ervan overtuigd dat hij beter kon dan de acteurs die hij op het witte doek zag. In 1913 zegde hij zijn baan op en trok naar Jacksonville in Florida om zijn geluk te beproeven in de film. Hij ontmoette er Madelyn Saloshin en trouwt met haar op 17 november 1913. Het jaar daarop draaide hij zijn eerste film ‘Outwitting Dad’ voor de Lubin Film Company. Hij werd afwisselend aangekondigd als Oliver Hardy, O.N. Hardy en Babe Hardy. De bijnaam ‘Babe’ kreeg hij van een Italiaanse kapper in de buurt van de studio die hem na het scheren poederde onder de uitroep: ‘Nice-a baby’.

Tegen 1915 had Oliver Hardy al meegespeeld in 50 eenakters voor Lubin. Na een korte periode in New York keerde hij terug naar Jacksonville waar hij samenwerkte met Chaplin- imitator Billy West.

In 1917 gingen Oliver en Madelyn uit elkaar en hij verhuisde naar Los Angeles waar hij als freelance acteur werkte voor verschillende Hollywood studio’s en de vaste tegenspeler werd van eerst Jimmy Aubrey en later van sterkomiek Larry Semon bij de Vitagraph Studio. Hij speelt er in Larry Semons versie van ‘The Wizard of Oz’ de blikken man. Hij zou tot 1924 aan deze studio verbonden blijven. In 1920 werd de scheiding tussen Oliver en Madelyn uitgesproken.

In 1921 speelde hij mee in ‘The Lucky Dog’, een tweeakter waarin Stan Laurel de hoofdrol had. In datzelfde jaar hertrouwde hij met Myrtle Reeves die hij had leren kennen bij Vitagraph.

In 1925 draaide Oliver Hardy als freelance acteur zijn eerste film bij Hal Roach en krijgt Stan Laurel als regisseur voor ‘Yes, Yes, Nanette’. In juni 1926 tekende hij een vast contract bij de Hal Roach Studio’s. Dat jaar zou een lamsbout de toekomst van zowel Laurel als Hardy veranderen. Oliver Hardy zou een rol spelen in ‘Get ‘Em Young’ maar verbrandde thuis tijdens het koken zijn arm en moest de rol laten schieten. Door de veranderingen in de rolbezetting speelde Stan Laurel, die eigenlijk de film zou regisseren, de hoofdrol. Vanaf dan zouden Laurel en Hardy regelmatig in dezelfde films opduiken, zij het niet als duo.

Leo McCarey, de hoofdregisseur bij de Hal Roach Studio, merkte echter op dat het publiek steeds enthousiast reageerde als Stan en Oliver samen in een scène zaten en begon ze meer en meer aan mekaar te koppelen wat in 1927 zou leiden tot de Laurel en Hardy filmserie. Met Stan Laurel en Oliver Hardy creëerde hij het beroemdste komische duo aller tijden en er werden aan de lopende band korte komische films geproduceerd waaronder pareltjes als ‘The Battle of the Century’, ‘Two Tars’, en ‘Big Business’.

Laurel en Hardy maakten zonder problemen de overstap naar de gesproken film omdat hun stemmen wonderwel bij hun karakters pasten en de klankfilm hun komisch talent nog meer in de verf zette. Na aanvankelijke tegenstand van Stan Laurel die dacht dat hun stijl niet geschikt was voor lange films draaiden ze in 1931 hun eerste langspeelfilm ‘Pardon Us’ hoewel ze nog tot in 1935 kortfilms zouden produceren.
Buiten de studio hield Oliver Hardy zich het liefst bezig met kaartspelen, gokken op de paardenraces, lekker eten en een smakelijk glas wijn. Hij keek graag naar bokswedstrijden en was een bekwaam en verwoed golfspeler. Hij toonde weinig interesse voor montage, dialogen en andere creatieve afwerking van de L&H-films. Dat liet hij rustig over aan anderen en dan vooral aan Stan Laurel.
Olivers huwelijk met Myrtle Reeves ging niet over rozen vanwege haar problemen met alcohol en haar depressieve buien en Oliver hield er jarenlang een buitenechtelijke relatie op na met Viola Morse met wie hij zich ook in het openbaar vertoonde. In 1936 scheidde hij van Myrtle en iedereen verwachtte dat hij met Viola zou trouwen. Maar dat gebeurde niet.
Jarenlang hadden Laurel en Hardy bij de Roach Studio een apart contract dat op verschillende data afliep omdat Hal Roach zo volledige controle kon houden over zijn sterkomieken. In 1939 weigerde Stan zijn contract te verlengen tot het team samen onder contract kon komen. In de tussenliggende maanden draaide Oliver samen met Harry Langdon ‘Zenobia’. Kort daarna tekenden Laurel en Hardy een nieuw contract bij Roach en werden ze uitgeleend aan de onafhankelijke General Services Studio om er ‘Flying Deuces’ te filmen. Op de set werd Oliver Hardy smoorverliefd op scriptgirl Virginia Lucille Jones. Zij huwden in Las Vegas op 7 maart 1940 en het zou standhouden tot aan zijn dood.

In 1941 begonnen de professionele carrières van Laurel en Hardy bergaf te gaan. Na hun vertrek bij Hal Roach tekenden ze een contract bij 20th Century-Fox en later bij MGM. In tegenstelling tot wat zij verwacht hadden zij weinig inbreng en controle over de films. Zij beseften dat deze films niet de kwaliteit haalden van hun eerdere werk bij Roach maar ze hadden het geld nodig, zowel Stan als Oliver betaalden zich immers blauw aan alimentatie voor hun ex-echtgenotes.
Uiteindelijk verlengden zij hun contracten niet maar gingen in 1947 naar Europa voor een tournee van zes weken door Engeland. De tournee duurde uiteindelijk zeven maanden met nadien optredens in Scandinavië, Frankrijk en België.
Uitgeput keerden ze terug naar Amerika waar bij Stan Laurel diabetes werd vastgesteld waarvoor hij een lange rustperiode kreeg voorgeschreven. Oliver Hardy werd een kleine rol aangeboden in een benefietvoorstelling van het toneelstuk ‘What Price Glory’ met John Wayne en geregisseerd door John Ford. John Wayne was onder de indruk van Olivers acteerprestatie en nodigde hem uit om mee te spelen in zijn volgende film ‘The Fighting Kentuckian’(1949). Oliver weigerde eerst omdat hij trouw wou blijven aan het Laurel en Hardy team maar Stan overtuigde hem om de rol toch te aanvaarden. Frank Capra was eveneens gecharmeerd door Olivers vertolking en engageerde hem in 1950 voor een gastoptreden in ‘Riding High’ met Bing Crosby.
In 1951 draaiden Laurel en Hardy hun laatste film in Frankrijk. ‘Atoll K’ was een internationale productie en de opnames liepen volledig uit de hand omdat de acteurs en de scenaristen verschillende talen spraken en mekaar niet begrepen. Tot overmaat van ramp werden zowel Stan als Oliver ziek. Stan moest worden geopereerd aan de prostaat en Oliver had hartklachten.

Na hun terugkeer in Amerika dienden beide komieken weer op krachten te komen. Zij hadden zich al verzoend met een welverdiend pensioen toen het aanbod kwam om opnieuw op tournee te gaan door Engeland, wat zij in 1953 en 1954 ook deden en overal enorm succes oogsten.
In 1955 leek het erop dat het nieuwe medium televisie een nieuwe toekomst voor het duo in petto had. Hal Roach Jr. had hen een contract aangeboden voor een serie televisiefilms gebaseerd op de sprookjes van Moeder de Gans. Het mocht echter niet zijn. Kort voor de opnames van de eerste film ‘Babes in the Woods’ kreeg Stan een hartaanval met een lange revalidatie als gevolg. Later dat jaar werd Oliver getroffen door twee zware hartaanvallen waarvan hij fysiek nooit meer zou herstellen.

Na een serie hartaanvallen overleed Oliver ‘Babe’ Hardy op 7 augustus 1957. Zijn as werd bijgezet op de Masonic Garden of Valhalla Memorial Park in Noord-Hollywood.
Oliver Hardy heeft een ster op de ‘Hollywood Walk of Fame, aan Vine Street nr. 1500.

 
Back to content | Back to main menu